Vandaag bereikte ons het droevige bericht dat, de voor ons inspirerende en immer originele, radio-icoon Willem van Kooten op 83-jarige leeftijd is overleden.
Actie Noa Lang roept vragen op over grens van het juichen: ‘Sport is ook emotie, dat vergeten we soms’
Noa Lang houdt wel ‘van een beetje plagen’. Vandaar dat de PSV’er na zijn goal tegen Feyenoord zwaait met de cornervlag en het ding vervolgens naar de grond gooit. Maar: waarom wel geel voor je shirt uittrekken en niet voor zoiets? Lang overtrad simpelweg de spelregels. Zitten er grenzen aan manieren van juichen? ,,Het zal een hartstikke leuke foto zijn voor zijn plakboek.’’
Dennis van BergenLaatste update:21:32
Met de routine van een aspergesteker plukte hij ‘m uit de grond, Noa Lang, afgelopen zondag tijdens PSV-Feyenoord. De aanvaller van de Eindhovense club had net voor de openingstreffer gezorgd in het Philips Stadion, toen hij al instinctief naar de hoek van het veld was getrokken.
En hup, daar stond hij, de rappe buitenspeler, vrolijk zwaaiend met een rood/witte cornervlag. Hij zette de stok en de vlag niet terug op z'n plek, maar wierp die naar de grond. Hij bekende later tegenover ESPN: ,,Ik hou wel een beetje van plagen.’’
Het juichen van Lang, een knipoog naar een identieke actie van ex-Feyenoorder Cyriel Dessers tijdens een eerdere aflevering van de topper; het leidde tot talloze reacties. Voorstanders prezen hem. Tegenstanders, met name die uit Rotterdam en omstreken, laakten hem.
You love him or hate him
Passend bij de emotie die de Oranje-international toch al oproept: You love him or you hate him. Maar hoe (on)wenselijk is deze manier van een doelpunt vieren?
Als iemand er plezier uithaalt om met een cornervlag te gaan zwaaien, ach
Danny Koevermans
Hoe kan het dat scheidsrechter Serdar Gözübüyük hem ermee weg liet komen, terwijl een shirtje uittrekken na een treffer wél als de wiedeweerga een gele kaart had opgeleverd? Is de ene uiting onschuldiger dan de andere? Zitten er, kortom, grenzen aan manieren van juichen?
Eerst even over het fenomeen juichen. Er was een tijd dat voetballers domweg hun hand opstaken, wanneer ze hun elftal aan een treffer hadden geholpen. Die tijd is alweer jaren voorbij. In alle soorten en maten schieten ze tegenwoordig voorbij, voetballers met elk hun eigen gekkigheden.
RKC-spits Michiel Kramer greep vorig jaar na een doelpunt tegen AZ naar zijn edele delen, naar eigen zeggen om zo het ontpoppen van een flesje champagne uit te beelden. Voormalig Feyenoord-aanvaller Mike Obiku maakte er een gewoonte van om in traliehekwerk te kimmen - en daarbij geregeld zijn handen open te halen.
Geschorst door juichen
En bij PSV koesteren ze dus een voorliefde voor cornervlaggen. Neem Malik Tillman onlangs nog, toen hij na de 2-2 tegen Sjachtar Donetsk zo’n exemplaar doormidden trapte.
Wrang detail: Vanwege de daaropvolgende gele kaart mist hij nu het cruciale Champions League-uitduel van PSV bij Rode Ster.
,,Weet je’’, zegt Danny Koevermans, de voormalig prof die alweer enige jaren scheidsrechter is in het amateurvoetbal. ,,Zelf hou ik meer van de manier waarop iemand als Luuk de Jong zijn doelpunten viert. Vingertje omhoog, handje aan de aangever, klaar. Maar als iemand er plezier uithaalt om met een cornervlag te gaan zwaaien, ach.’’
De richtlijnen in het grote boek van scheidsrechters zijn duidelijk. Een speler mag de hoekvlag niet uit de grond trekken en ‘m ook niet weggooien tijdens het vieren van een doelpunt. Letterlijke quote: ‘Dit wordt gezien als onsportief gedrag en kan worden bestraft door de scheidsrechter met een gele kaart’.
Onjuist handelen Gözübüyük?
Heeft Gözübüyük, kortom, onjuist gehandeld door Lang weg te laten komen met zijn wijze van juichen? ,,Nee’’, stelt Koevermans met klem. ,,Een scheidsrechter is een goede scheidsrechter wanneer hij soms ook dingen níet ziet. Of, beter: niet wíl zien. Bas Nijhuis is hier een meester in. Hij voelt een wedstrijd aan. En dat deed Gözübüyük zondag ook. Want, kom op, hè.’’
,,Hoe erg is het nou, met een cornervlag wapperen? Zo lang hij dat ding niet als speer richting het publiek gebruikt heeft Lang mijn zegen, hoor. Heb ik met voetballers die hun shirt uittrekken ook, trouwens, ook al is dat volgens de FIFA-regels niet toegestaan. Ik denk dan: jongens, waar maken we ons druk om, zeg. Sport is emotie, hè, dat vergeten we nog weleens.’’
Kanttekening bij gedrag Lang
Voormalig toparbiter Mario van der Ende onderschrijft de mening van Koevermans. Al plaatst hij uit het oogpunt van ethiek en groepsdenken wel een kanttekening bij het gedrag van Lang. ,,Het zal een hartstikke leuke foto zijn voor zijn plakboek’’, stelt de Hagenaar met enig cynisme in zijn stem.
,,Alleen zou ik er als trainer niet zo blij mee zijn, een jongen in mijn elftal die een soort kruising is tussen Koning Arthur met zijn magische zwaard en Rémi uit ‘Alleen op de Wereld’. Langs gedrag neigt naar narcisme. Prima dat Gözübüyük hem geen gele kaart heeft gegeven, het is tamelijk onschuldig allemaal’’, vertelt Van der Ende.
,,Maar als ik nog had gefloten, was ik zeker even op Lang afgestapt, wanneer hij daar met die vlag in zijn handen had gestaan. Had ik gezegd, wat veel ploeggenoten onherroepelijk zullen denken: hé jochie, doe eens niet zo gek joh.’’
De arbiter is te jong en te onervaren, vindt oud-scheidsrechter Van der Ende
Scheidsrechter Sander van der Eijk bij de wedstrijd FC Utrecht tegen Go Ahead Eagles.Beeld Pro Shots / Erik Pasman
Oud-scheidsrechter Mario van der Ende hekelt het niveau van de arbiters van dit moment. Scheidsrechters staan te weinig met de poten in de modder, vindt hij.
Tot op zekere hoogte hoort gemopper op de scheidsrechters bij de charme van het voetbal, maar er is de laatste tijd wel degelijk reden tot zorg, zegt Mario van der Ende. De oud-scheidsrechter kijkt ieder weekend met haast ingehouden adem naar de velden: waar zou het dit keer misgaan?
Van der Ende is uitgesproken: “Er lopen op de Nederlandse velden te veel jonge, onervaren scheidsrechters rond.” Het leidt tot fouten en zelfs blunders, vindt hij. “De kwaliteit van de arbitrage is echt een probleem.”
De aanleiding voor Van der Ende om zo duidelijk stelling te nemen, is de wedstrijd FC Utrecht-Go Ahead Eagles, een week geleden. Middenvelder Enric Llansana van de ploeg uit Deventer kreeg in de beginfase een dubieuze rode kaart van scheidsrechter Sander van der Eijk (die later door de KNVB werd geseponeerd).
‘Een belachelijke rode kaart’
FC Utrecht maakte in de slotseconde van de zeven minuten extra tijd de gelijkmaker (3-3). Het resulteerde in een woede-uitbarsting van Paul Bosvelt, de technisch manager van de Eagles. Hij plaatste op sociale media een afbeelding van een middelvinger, met de tekst: “Wat een schandalige vertoning van de scheidsrechter vandaag. Allereerst een belachelijke rode kaart. Extra tijd 5 minuten die niemand kan verklaren en daar ook nog eens 2 minuten bij optellen. KNVB en scheidsrechter bende. Jullie maken het voetbal kapot!
Van der Ende refereert aan de woorden van algemeen directeur Jan Willem van Dop van Go Ahead Eagles, die eerder deze week zei dat de scheidsrechtersploeg van de KNVB ‘een soort opleidingsinstituut’ is. “Daar heeft hij gelijk in. Het lijkt op een proeftuin. Scheidsrechters moeten op jonge leeftijd wedstrijden op hoog niveau fluiten om voldoende vlieguren te maken. Alleen op die manier maken ze kans op een internationale carrière.” Oudere arbiters maken geen kans bij Uefa en Fifa, vertelt Van der Ende.
Te reactief fluiten
Zelf leerde hij het vak in de lagere klasses van het amateurvoetbal. “Jongens onder zeventien bij Westlandia, dat soort wedstrijden. Op z’n Haags: een scheidsrechter moet eerst met de poten in de modder staan. De sfeer in de kleedkamers ontdekken, leren meebewegen met het spel. Tegenwoordig stomen de jonge arbiters veel te snel door richting tweede divisie.”
Van der Ende ziet bijna ieder weekend waar dat toe leidt. Hij vindt dat de scheidsrechters te reactief fluiten. Ze zien de Var, de videoscheidsrechter, als een veilige achtervang, waardoor de scherpte afneemt, vertelt Van der Ende. “Zonder Var moet je 100 procent scherp zijn. Met zo’n videoscheids is de verleiding groot om laconieker te worden. Vergelijk het met een trapezewerker die een vangnet onder zich heeft.”
Hij heeft ook suggesties. Wat Van der Ende betreft moet de scheidsrechter na afloop voor de camera’s uitleggen waarom hij deed wat hij deed. Daar zijn de arbiters mee gestopt, zegt hij, ‘omdat ze niet iedere week een mea culpa willen uitspreken voor een verkeerd besluit’. “Maar tekst en uitleg geven hoort bij het vak.”
En hij vindt dat het bij de KNVB schort aan opleiding en coaching van scheidsrechters. Het zou goed zijn, vindt Van der Ende, als de arbiters niet meer in dienst zijn van de KNVB, maar als externen worden ingehuurd voor wedstrijden. “Rechters zijn toch ook geheel onafhankelijk?”